Achtergrond - Sarah Bernhardt

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Achtergrond

Sarah Bernhardt,

geboren als Rosine Bernardt (Parijs, 22 oktober 1844, overleden 26 maart 1923) was een Frans actrice, misschien wel de beroemdste van haar generatie. Zij had een Nederlandse moeder, Julie Bernardt, en een vader van onbekende nationaliteit. Ze voegde zowel aan haar voor- als achternaam de letter h toe, om haar Nederlandse afkomst en het feit dat ze een buitenechtelijk kind was, te verdoezelen. Feitelijk was ze Nederlandse en niet Frans. De naam die ze voor haar vader bedacht, Edouard Bernhardt, was in werkelijkheid de naam van haar moeders broer. Haar grootvader Moritz Bernardt was een Joods koopman in Amsterdam. Waarschijnlijk is haar moeder Julie eveneens in Amsterdam geboren.

Loopbaan:
  Sarah Bernhardt werd een van de allergrootste actrices van haar tijd en blijft de grootste Franse theaterlegende uit de geschiedenis. Ze trad niet alleen op in Parijs, waar een schouwburg naar haar werd vernoemd, maar maakte vele tournees rond de wereld en trad op in Londen, New York, Amsterdam en Antwerpen. Bij een optreden in Londen zou de grote Britse schrijver Oscar Wilde lelies aan haar voeten hebben geworpen en haar "The Devine Sarah" (De Goddelijke Sarah) hebben genoemd, hetgeen voor altijd haar bijnaam bleef. In Amerika zei de beroemde schrijver Mark Twain: "Er zijn vijf soorten actrices: slechte, redelijke, goede en geweldige. En daarna komt Sarah Bernhardt." Het bekendste was haar vertolking in "La Dame aux Camélias" van Alexandre Dumas fils. Op latere leeftijd speelde ze tevens de hoofdrol in een reeks films, waarvan vooral "La Reine Elizabeth" een wereldwijd succes was. In Amerika werd de Franse stomme film vertoond als "Queen Elizabeth" en was het de allereerste lange speelfilm die landelijk in Amerika werd uitgebracht. Met haar tegenspeler, de 37 jaar jongere Nederlandse acteur Lou Tellegen, had Bernhardt een relatie.

Overlijden:

In 1905, tijdens haar optreden in La Tosca, maakte ze een sprong en bezeerde haar knie. De wond genas niet en ze kreeg gangreen. Haar been moest worden afgezet. Met een houten been heeft ze nog opgetreden tot aan haar dood in 1923.
Ze ligt begraven op het Parijse kerkhof Cimetière du Père-Lachaise.



Sarah als Léah in het stuk Léah van Albert Darmond, 1892
 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu